100 woorden (of iets meer tegen Jan Dijkgraaf) deel 1

De heer Dijkgraaf trekt zich van feiten niets aan. Dat wil ik even laten zien Mark, Hillary en Donald :

Rutte een windvaan (kom dan met bewijzen), hij is een goed debater maar dat mag niet van Jan. Hij buigt zeker niet voor Brussel maar is wel premier van een klein land (maar ja anti-EU stemming is goed voor de marketing, he Jan?). Hij doet zijn uiterste best voor nabestaanden MH17, maar klein land en grotere belangen (wil Jan liever niet zien want Nederland is GROOT). En dat referendum Jan was een RAADGEVEND referendum.

Ik geef jou de RAAD met je onzin te stoppen (hoef je dus niet te doen).

Advertisements

Een anonieme mening is geen mening

Een mening behoort toe aan een individu of aan een groep. Van een anonieme mening (of incognito zoals sommigen die hun IP-adres niet maskeren eufemistisch zeggen) weten we echter niet aan wie deze toebehoort. Sommigen roepen dat anoniem schrijven onder de vrijheid van meningsuiting valt, maar is dat wel waar? Vrijheid van meningsuiting is een burgerrecht, maar gaat deze ook op voor de anonymus die zichzelf niet wenst bloot te geven? Kan iemand die anoniem reageert bovendien wel stellen dat hij een mening heeft? Zij vinden van wel. Ik vind van niet.

In de eerste plaats kunnen we mensen die anoniem reageren niet als burger kwalificeren want om je burgerrechten uit te kunnen oefenen is identificatie vereist. Een persoon die anoniem reageert doet afstand van zijn burgerrechten want hij kan en wil niet aansprakelijk gesteld worden voor wat hij vindt. De anonymus doet afstand van de naam waarmee hij in de maatschappij bekend is en neemt dus niet langer deel aan deze maatschappij maar plaatst zich daar buiten.

Geloofwaardigheid
Een mening is geen argument. Een argument kan geldig of ongeldig zijn onafhankelijk van de persoon die het argument gebruikt. De propositie waarop het argument een reactie is en de logica bepalen de geldigheid van het argument. Maar een argument is geen mening. Een mening is tevens een waardeoordeel en die is relatief en hangt af van de persoon die hem uit. Als deze achter de mening verborgen blijft kan de mening dus niet goed gewogen worden in de discussie. Het maakt immers verschil of een gelovige of een atheïst een opvatting over de scheiding van kerk en staat heeft. Bij het anoniem innemen van een standpunt kan dus iedere mogelijke positie ingenomen worden waarmee de discussie wordt vervuild. De integriteit van de persoon die hem uit speelt namelijk een grote rol bij de geloofwaardigheid. Wederom: een priester die pleit voor seks voor het huwelijk is anders dan een prostituee die hetzelfde beweert. De anonieme mening is in die zin een holle schreeuw, niet verankerd en alleen bedoeld om stemming te maken los van de geldigheid van de argumentatie.

Het probleem is dat de anonymus wel zijn ongenoegen uit maar hieraan geen consequenties verbindt. Zo legde iemand mij uit dat totalitaire regimes door slechts een procent van de bevolking in stand worden gehouden. Het is die kleine fractie die door de absolute heerser bevoordeeld wordt en de meerderheid onderdrukt. Maar de recente ontwikkelingen in Noord Afrika tonen aan dat dit niet waar is. Het is de 99% die wel anoniem en achter de rug van hun hand loopt te klagen over de leider die het systeem in stand houdt. Ze vinden het wel veilig en gemakkelijk om zich achter de grote leider te verschuilen als dat zo uitkomt. Pas op het moment van stijgende voedselprijzen komt die 99% in opstand tegen hun leider . Dan zijn het niet de mensen die anoniem reageren op twitter en hun weblogs die het verschil maken, maar juist de mensen die úit de anonimiteit treden en op een plein gaan staan totdat de dictator weggaat. Dit hadden ze ook al eerder kunnen doen maar pas als de eerste levensbehoefte wordt aangetast wordt de drempel om uit de anonimiteit te stappen genomen.

Kloof tussen politiek en burger
Het is prima als iemand op een weblog anoniem reageert omdat hij anders bang is geen werk meer te krijgen maar besef wel dat het precies die houding is die zorgt dat er niets verandert. Degene draagt op die manier bij aan zijn eigen frustratie en vergroot de kloof tussen politiek en burger waar hij over klaagt. Blijkbaar hebben ze het nodig om vaker dan een keer per vier jaar in het stemhokje hun opvattingen te delen, maar is het kennelijk ook teveel gevraagd om hun broodwinning ervoor op te offeren net als hun comfortabele bestaan in een wereld die niet precies is zoals zij dit willen. Het is dan ook erg flauw om mij te verwijten dat ik alleen maar geaccepteerde meningen ventileer en daarom het publiek mijn mening kan geven.

Inmiddels zijn vrijwel alle standpunten in Nederland acceptabel (met uitzondering van racisme, discriminatie en Holocaustontkenning) want door dit kabinet is ook de PVV salonfähig gemaakt. Je wilt niet met je mening geconfronteerd worden, roept graag wat radicaals op een verjaardagsfeestje, in de kroeg of anoniem op internet maar liever niet daar waar het echt verschil maakt: in het openbaar. Wat dat betreft heeft iedere vrouw in Nederland met een hoofddoekje (vrijwillig of gedwongen) meer lef dan alle mensen die anoniem reageren bij elkaar.

Eerder gepost op 6 april 2011 op dejaap:

http://www.thepostonline.nl/2011/04/06/een-anonieme-mening-is-geen-mening/

De Regels van Matthijs

Zondag eindelijk "De Regels van Matthijs" gezien, eerder was het me niet gelukt om de documentaire op te nemen. Gelukkig bood Uitzending Gemist uitkomst. Het is een prachtige film over een intelligente autistische man. Hij legt mooi uit wat autisme is: een autist neemt een heel klein stukje van de wereld en gaat daar heel diep op in. Ter illustratie hield hij zijn handen verticaal voor zijn gezicht en sneed zo het denkbeeldige plakje uit de werkelijkheid. Wanneer een autist zich focust op de jaartallen dan loopt hij daar in zijn hoofd zo naar toe. 1196, de deur gaat open en daar is alles wat er in dat jaar gebeurd is. Zo zal een autist die zich beperkt tot de getallen alle getallen ‘kennen’, er naartoe kunnen lopen en meteen zien: dit getal is deelbaar door 12 of dit getal is niet deelbaar en dus een priemgetal. Fascinerend beeld.

Daardoor realiseerde ik me dat ik een soort van anti-autist ben. Ik heb precies de omgekeerde handicap, ik focus me niet op een klein deel van de wereld maar waaier telkens uit. Ik ben nieuwsgierig naar alles wat achter de horizon ligt. Daardoor weet ik van heel veel, een heel klein beetje en kom ik net als de autist chronisch tijd tekort. De autist omdat zijn reeks van jaartallen, cijfers of liedjes nooit ophoudt, oneindig is. Ik omdat ik door blijf zoeken tot aan de Big Bang toe en liefst nog daarvoor (onmogelijk). Maar wat ik doe is normaler. Echt normaal is het pas wanneer je een selectie uit de werkelijkheid neemt en je daartoe beperkt, een normaal mens neemt een stukje uit de wereld dat precies aansluit bij wat zijn verstand aankan, niet meer en niet minder.

Matthijs sneed nog een diep filosofisch thema aan in de documentaire. Hij zei: Kleine deeltjes atomen en dergelijke zijn niet de oorzaak waarom wij bestaan, nee ze zijn een gevolg van de mens. Onze zintuigen zijn noodzakelijk gelimiteerd door de fysica waarin wij leven en kunnen daarom nooit de volledige werkelijkheid waarnemen. Ik weet niet wat voor boeken Matthijs allemaal leest maar voor mij komt dit standpunt dicht in de buurt van het ‘idealisme’. Het idealisme heeft als uitgangspunt dat quarks en atomen niet echt hoeven te bestaan. De wetenschap gebruikt deze begrippen om de werkelijkheid te verklaren en zolang ze voldoende verklaring bieden nemen we ze voor waar aan. We zijn als mensheid wel in staat om metingen te doen zoals met de Large Hydron Collider en te voorspellen wat er gebeurt maar niemand heeft ooit een quark of atoom gezien. De tegenwerping dat elektronenmicroscopen wel degelijk molecuulroosters zichtbaar maken wordt verworpen omdat het beeld wat we zien geconstrueerd wordt door een apparaat. De meting komt tegemoet aan de verwachting die we van de werkelijkheid hebben maar die hebben we gewoon zelf gecreëerd. Dit ligt heel dicht aan tegen de filosofische visie van Matthijs. Het standpunt van de idealisten is voor de echte wetenschappers, die ‘realisten’ zijn zeer vervelend, maar het blijkt zeer moeilijk te weerleggen. Realisten, de tegenhangers van de idealisten gaan ervan uit dat alle deeltjes die uit de natuurkundige theorie naar voren komen werkelijk bestaan. Dus de bosonen, fotonen en quarks zijn reëel en niet slechts een verklaring van de werkelijkheid. De Realist zegt juist zij verklaren de werkelijkheid omdat ze bestaan. De Idealist zegt ze verklaren wel de werkelijkheid maar meer ook niet. De werkelijkheid is onkenbaar.

Die ene opmerking van Matthijs zette me aan het denken. Welk van deze twee posities: het Idealisme of het Realisme sluit nu het best aan bij een religieuze levenshouding? Van onze fervente atheïst Richard Dawkins weten we dat hij een zogeheten naturalist is. Dit is een zeer extreme vorm van het realisme die stelt: alleen dat wat door de wetenschappelijke methode aangetoond kan worden bestaat, de rest is onzeker of erger nog bijgeloof en een vaag verzinsel. Maar uit bovenstaande moeten we concluderen dat deze positie dus aanneemt dat bosonen en quarks daadwerkelijk bestaan ook al zullen we nooit in staat zijn om een boson als ruimtelijk object zichtbaar te maken. Op dat niveau is zelfs de naturalist dus een gelovige. Al zal de naturalist zelf natuurlijk het ‘meten is weten’ adagium aanhangen. Maar helaas is met goede argumentatie dit standpunt aan het wankelen te brengen, want meten heeft maar al te vaak elementen in zich van de "self fullfilling prophecy". Iets wat filosofen zoals Bas van Fraassen uitstekend weten te onderbouwen.

Erger nog het naturalisme komt waneer het aankomt op de kwantum fysica serieus in de problemen. Kwantum fysica kent het zogeheten superpositie probleem. Schrodinger heeft met de bekende analogie van de kat aangetoond hoe onmogelijk dit verschijnsel is: in een status van superpositie moet de kat tegelijkertijd dood-en-levend zijn. Onmogelijk dus. Op het moment van meting is de kat altijd of dood of levend. De oplossing die de realisten hiervoor gebruiken is om te stellen dat het dood/levend zijn een aparte status is die op het moment van observatie verdwijnt. In kwantum termen zeggen de natuurkundigen dat de golffunctie instort. Dat is toch iets vreemds want daarmee zeggen de naturalisten impliciet dat de golffunctie niet waarneembaar is. Dus ergens op de bodem van de natuurkunde ligt een niet waarneembare entiteit die vervolgens het waarneembare voortbrengt. Einstein had hier terecht grote moeite mee.

Er zijn ook lezingen die vasthouden aan de realiteit. Eén zo’n voorbeeld is de ‘vele-werelden-hypothese’ Die stelt: op het moment van waarnemen splitst zich een nieuwe realiteit af. Eén waarin de kat leeft en een andere waarin de kat dood is. Dus elke keer wanneer wij als mensen een deeltje in superpositie tot een verklaring dwingen ontstaat er een nieuwe werkelijkheid. Moeilijk om aan te nemen. Het voert te ver om alle mogelijke opties hier door te spreken maar duidelijk is wel dat de realisten hier een serieus probleem hebben.

De idealisten daarentegen niet. Zij stellen immers heel eenvoudig dat die golffunctie een vehikel is waarmee we onze werkelijkheid kunnen verklaren. Die golffunctie hoeft helemaal niet te bestaan, zolang de voorspellende kracht in stand blijf voldoet ze. Daarmee zijn de idealisten in wezen de ware atheïsten onder de natuurkundigen. Ze geloven nergens in, niet in de golffunctie, niet in bosonen, niet in atomen. Zolang wetenschappelijke theorieën een verklaring geven voor onze werkelijkheid zijn ze afdoende, de werkelijkheid zelf doet er niet toe. Precies wat Matthijs ook zei: atomen en moleculen zijn een gevolg van de mens. Een zeer diepe filosofische opmerking van een buitengewoon intelligente autist. .

Jammer dat dit autisme er tevens voor zorgt dat hij zijn leven beëindigd heeft, anders zou hij aan de idealisme/realisme discussie ongetwijfeld een waardevolle bijdrage kunnen leveren. Juist omdat hij door zijn eigen geest gedwongen werd om zo dichtbij de problematiek te blijven.